Leo Tolstoj.html

 
ca de en es fr it nl no pl pt ru ro fi sv tr vo


 

Leo Tolstoj; portret door Ilja Repin
Tolstoy.ogg

Ljef (Leo) Nikolajewitsj Tolstoj (Лев Николаевич Толстой) (landgoed Jasnaja Poljana, 9 september 1828Astapowo, 20 november 1910) was een Russisch schrijver die veel invloed heeft gehad op de Russische literatuur en politiek. Hij maakte als graaf deel uit van de Russische adel. Volgens de op dat moment in gebruik zijnde Juliaanse kalender is hij geboren op 28 augustus en gestorven op 7 november.

Inhoud

bewerk Leven

Ljef (Leo) Nikolajewitsj Tolstoj werd geboren op het landgoed Jasnaja Poljana, in de buurt van Toela. Hij kwam uit een familie van hoge adel. Zijn vader graaf Nikolaj Iljitsj Tolstoj was een deelnemer aan de Vaderlandse oorlog van 1812. Zijn moeder Maria Nikolajevna was vorstin. Zijn ouders overleden echter al vroeg en hij werd door familieleden opgevoed. Zijn vroege leven op Jasnaja Poljana heeft een grote invloed uitgeoefend op de toekomstige schrijver. Daar maakte hij kennis met het leven van de arme boeren van Rusland. Ook had hij al vroeg kennis genomen van de gedichten, sprookjes en legenden van Poesjkin.

Toen hij in 1844 zestien jaar oud was ging hij naar de universiteit van Kazan, waar hij oosterse talen studeerde om zich voor te bereiden op een diplomatieke carrière. In 1851 nadat hij grote schulden tijdens het gokken had gemaakt, vergezelde hij zijn oudere broer naar de Kaukasus en ging bij het leger. Tolstoj vocht mee in de Krimoorlog en tijdens deze periode schreef hij zijn Sevastopol-verhalen.

Teruggekeerd op het famile-landgoed Jasnaja Poljana, 100 kilometer ten zuiden van Moskou, stichtte hij zijn eerste schooltje voor de kinderen van de arme boeren. Hij was toen 21 jaar oud. Hoe lang dit eerste schooltje bestaan heeft is niet bekend. In de jaren 1857 tot 1861 reisde hij verschillende keren naar West-Europa (Duitsland, Frankrijk, Italië, Engeland, België en Zwitserland) om daar de methoden in het lager onderwijs te bestuderen. In 1859 stichtte hij voor de tweede keer een school op Jasnaja Poljana, en deed in 1862-1863 verslag van zijn ervaringen als pedagoog en leraar in een eigen tijdschrift dat onder de titel Jasnaja Poljana in twaalf afleveringen werd uitgegegeven. In 1863 werd deze school op last van de Tsaristische regering gesloten wegens de voor het regiem gevaarlijke ideeën van gratis onderwijs voor iedereen en Tolstoj's pedagogische opvattingen, gericht op de vrijheid van het individu. Tolstoj werd aangeklaagd wegens samenzwering tegen de Tsaren, maar niet gevangen genomen. Verbitterd over het politieke klimaat in zijn land concentreerde hij zich hierna volledig op het schrijverschap.[1]. In 1862 trouwde Tolstoj met Sofja Andrejevna Bers. In de jaren hierna schreef hij ook zijn beroemde roman Oorlog en Vrede en daarna Anna Karenina.

Daarna kwam er een verandering in het werk van Tolstoj. Hij hield zich bezig met het geloof en schreef religieus-filosofische traktaten en raakte in conflict met de kerk omdat hij vond dat de eenvoudige boeren de dragers van het ware geloof waren. Hij deed afstand van zijn rijkdom en bediendes en ging zich wijden aan een eenvoudig leven. Hij ploegde het land, hakte hout en haalde zelf water. Maar hij bleef op Jasnaja Poljana wonen.

In 1910 overleed Tolstoj aan een longontsteking, terwijl hij op "de vlucht" was voor zijn vrouw, die hem niet altijd even goed begreep. "Het huwelijk gaat eenvoudig niet samen met schrijven", was een van zijn laatste uitspraken. Hij ligt begraven in een eenvoudig graf op zijn landgoed Jasnaja Poljana.

bewerk Christen

Reeds in 1855 schreef Tolstoj: "Ik heb een geweldig idee gekregen waar ik mijn leven aan zou willen wijden: het stichten van een nieuwe christelijk godsdienst, maar dan zonder de dogma's en de wonderen." Op het einde van de jaren 1870, net na de publicatie van zijn grootste succes ‘Anna Karenina’, was Tolstoj op het hoogtepunt van zijn roem. Net dan raakte hij in een diepe levenscrisis die hem terug tot het christelijke geloof van zijn jeugd zou voeren.

In 1880 schreef hij zijn eerste christelijk geschrift "de Bekentenis" (of: "Mijn Biecht"), dat in 1882 verscheen. Dit bondige geschrift is een weergave van hoe zijn zoektocht naar de zin van leven hem bij het geloof brengt. Hij vond de zin van het leven niet bij de geprivilegieerde klasse, maar bij gewone mensen die met hun dagelijkse arbeid het leven mogelijk maken. Al deze mensen hebben iets gemeen: zij twijfelen niet aan de zin van het leven en zij hebben een onwankelbaar geloof. ‘Mijn Biecht’ was bedoeld als inleiding op een grondige studie van het christendom, waarin gewone mensen (zoals de boeren op zijn landgoed) zo diep geloofden. De orthodoxe lithurgie en het grootste deel van de bijbel verwerpt hij echter met rationele argumenten. Het enige doel dat hij overhield was de woorden van Christus zo waar mogelijk te reconstrueren. Deels als kritiek zei men daarom dat hij zich opwierp ‘als een nieuwe evangelist’. 'Mijn Kleine Evangelie' (1881-1883) geeft een samenvatting van zijn evangelische studie. Hij voegde er stukken van de vier evangeliën samen tot één helder verhaal, waaruit Christus naar voren komt niet als een mysterieuze zoon van god, maar als een mens met een eenvoudige en grootse leer. Jezus was de zoon van een onbekende vader. Omdat hij niet wist wie zijn vader was noemde hij als kind God zijn vader... In de woestijn leidt hij honger en beseft dat hij niet almachtig is en dus niet de zoon van god. ...Ik kan uit stenen geen brood maken, maar ik kan afzien van brood. En daarom ben ik hoewel niet almachtig in het vlees, almachtig in de geest, ik kan het vlees overwinnen; en daarom ben ik de zoon van god, niet naar het vlees, maar naar de geest.

De Russisch Orthodoxe Kerk vertroebelde deze eenvoudige waarheid en speelde volgens Tolstoj een hypocriete rol. Hij verweet haar dat ze een veelheid aan vroegere en latere teksten in overeenstemming wou brengen met de leer van Christus. ‘Met Paulus begint de Christelijke Talmoed die ‘Kerk’ heet… (p 25)’. ‘Religieuze authoriteiten kunnen niets bewijzen, enkel recht praten: recht praten de heilischennis dat zij de leer van hun God Jezus gelijk stelden met de leer van Ezra, met de concilies en met Theophylactus. (p 36)’. De kerk excommuniceerde hem in 1901.

Tolstoj produceerde nog andere geschriften van moraal-ethische en christelijke aard. Tolstojs visie was steeds onorthodox. Hij schaarde zich aan de kant van het volk, de zwakkeren en de verdrukten.

Hij probeerde zijn inzichten ook in de praktijk te brengen. Hij stichtte een school voor kinderen van zijn boeren (met een lesmethode gebaseerd op vrijheid van het individu, zie boven), maar ging ook zelf lesgeven aan kinderen en een tijd op het veld werken (wat voor een graaf in die tijd een revolutionaire daad was). Tolstoj liet een lange baard staan en kleedde zich op zijn landgoed in boerenkleding of in een eenvoudige lange mantel. Hij ontsloeg zijn bedienden omdat hij het vernederend vond dat zij voor een klein loon zoveel zwaar werk moesten verrichten.

Hoewel men Tolstoj als een anarchist kan zien (hij ontkende dit overigens), was hij strikt genomen geen revolutionair in de zin dat hij de boeren opriep om de regering gewelddadig omver te werpen. Tolstoj, geheel in de lijn van Jezus' Bergrede, riep op tot lijdzaam verzet. (Door zijn theorie van lijdzaam verzet geraakte hij in conflict met de bolsjewiek Lenin, die juist uitging van een gewelddadige revolutie.) Lijdzaam verzet kan men desondanks, vooral in die tijd, als revolutionair zien. Tolstoj keerde zich eveneens tegen het materialisme en atheïsme van de meeste revolutionairen. Volgens Tolstoj wilden de revolutionairen te veel bereiken. Soms was berusting in bepaalde zaken ook mogelijk/gewenst. (Op dit punt week hij sterk af van de marxisten, die dit weer zien als een typisch "opium van het volk" opvatting.)

Na de eeuwwisseling correspondeerde een jonge Indiër, die sterk beïnvloed was door Tolstojs gedachtegoed, met Tolstoj. Zijn naam was Mahatma Gandhi. Uiteindelijk speelden Tolstoj's ideeën bij Gandhi een grote rol, met name op het gebied van geweldloosheid.

bewerk Esperantist

Tolstoj was ook esperantist. In 1894 zei hij over het Esperanto:
"Ik vond Volapük zeer moeilijk, maar het Esperanto heb ik als zeer eenvoudig ervaren. Het is zo eenvoudig dat ik, toen ik zes jaar geleden een grammatica, een woordenboek en een aantal artikelen in die taal ontvangen had, al na twee uur de taal wellicht niet kon schrijven, maar toch vlot lezen kon. (..) De offers die een Europeaan zou brengen door tijd aan de bestudering van deze taal te besteden, zijn zo klein en de resultaten ervan dien aard, dat men niet weigeren kan het te proberen."

bewerk Belangrijkste publicaties

bewerk Referenties

  1. ^ Portland independent media center
  2. ^ In het Nederlands vertaald en onder dezelfde titel uitgegeven in 1976 (door uitgeverij Kosmos) maar met een verkeerde datering van het jaar van de oorspronkelijke uitgave (1852)

bewerk Externe links

All Right Reserved © 2007, Designed by Stylish Blog.